Naamloos

Een schok kan het zijn te moeten ervaren
wanneer een van je dierbaren het aardse
voor het eeuwige verruilt.
Zeker als het een dierbare is die voortkomt
uit eigen scheppingsdrang.
De gelukzaligheid die toeneemt tijdens negen maanden
ongekende levens-stuwing, is groot.
Groter nog de pijn als het zoeken naar het eerste licht
ook meteen een einde blijkt te zijn.
Toch, nu jaren later, weet ik dat deze ervaring
een vruchtbare is geweest.

NAAMLOOS. december1991

Jij ooit vergeten “woning”
Voor het aardse onbestemd.
Voltooid met gouden troning,
over wateren onbekend.

Steeds nader jij mij weder,
van schoonheid niet ontzien.
Gewaad zo licht en teder,
In lentes nu veertien.

Jouw “huis” in eeuwen uitgeweven.
Vroom voorbeeldig aangezicht.
Zo klein, zo hoog verheven.
In enkel liefde opgericht.

Leonard Zonneveld